Tentoonstelling “Zaanse industrie in de Gouden Eeuw – de eerste klokkenfabriek”

Van 6 juli tot 1 november 2014 is er in het Museum van het Nederlands Uurwerk een tentoonstelling over de productie van Zaanse klokken. Die ontwikkeling is vergelijkbaar met andere vroege Zaanse bedrijfstakken, zoals de houtzagerij en de papierindustrie. Op grond van recent onderzoek is aan te nemen dat aan het eind van de 17e eeuw in de Zaanstreek een grootschalige uurwerkenproductie op gang kwam. Hiermee was de Zaanstreek de eerste regio die een klokkenindustrie kende.

Na de grote doorbraak in de tijdmeting – de uitvinding van de slingerklok door Christiaan Huygens in 1656 – was de Zaanstreek de eerste regio buiten de steden waar klokken geproduceerd werden. De innige verbinding met de grote buurman Amsterdam zal hiervoor de economische voorwaarden geschapen hebben.

De Zaanstreek was geen willekeurige regio. In  het midden van de 17e eeuw was de industriële productie hier een paar stappen verder gevorderd dan elders. Er waren geen gilden die de vooruitgang wilden tegenhouden. Grondstoffen waren relatief gemakkelijk beschikbaar, afzetmarkten vrij eenvoudig bereikbaar.

De mechanische houtzagerij had in de Zaanstreek de stoot gegeven voor veel meer gemechaniseerde productie. Mede door de doopsgezinde bevolkingsgroep en de gedeelde participatie in productiemiddelen was er een intensief netwerk van handel en industrie in uiteenlopende branches ontstaan.

 

Het was te verwachten dat ondernemende Zaankanters er voordeel in zouden zien om ook de productie van uurwerken grootschaliger aan te pakken. Aan het eind van de 17e eeuw begonnen Zaanse klokken de markt te veroveren, ook buiten de Zaanstreek. Hoewel soms rijk uitgevoerd, waren dit technisch meestal eenvoudige uurwerken.

Een klok met de signatuur  van Dirk Engel

Een klok met de signatuur van Dirk Engel

Uurwerkendeskundige Michiel van Hees heeft hiernaar uitvoerig onderzoek gedaan. Zijn voorlopige conclusie is dat veel Zaanse klokken in één werkplaats in serie gemaakt zijn. Waarschijnlijk was dit het atelier van Dirk Engel in Westzaan. De zeven tentoongestelde klokken blijken frappante overeenkomsten te vertonen. Soms doen ze denken aan een experiment van een beginnende klokkenmaker, terwijl ze toch uit een periode van zo’n 30 jaar stammen. Dit leidt tot de conclusie dat ze niet gemaakt zijn door de verschillende handelaren die er hun naam opzetten.

Het museum laat sinds kort meer zien van het klokkenmakersambacht. De klokken in de tentoonstelling worden nu omgeven door de attributen van de klokkenmaker. En passend in de sfeer van een visite in de werkplaats krijgt de bezoeker nu ook eens de kans om in het innerlijk van de klokken kijken en zelf vast te stellen of de conclusie terecht is.

Op 18 oktober 2014 licht Michiel van Hees zijn conclusie in het museum toe.

 

 

2 antwoorden
  1. R. Brinkman
    R. Brinkman says:

    Een bescheiden maar interessante expositie. Mooi overzicht.
    Jammer dat het onderzoeksrapport van Michel van Hees niet beschikbaar is. Komt dat nog? Nu blijft het wat oppervlakkig.

    Beantwoorden

Laat een reactie achter

Wilt u zich mengen in de discussie?
Voel u niet bezwaard om bij te dragen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *